Doelen, kerndoelen en ontwikkelingsdoelen

Iedere leerkracht stelt doelen bij het werken met kinderen. Ook in de onderbouw gebeurt dit bij het spelen en werken door jonge kinderen. Voor het basisonderwijs zijn de kerndoelen geformuleerd, zoals die volgens de overheid nagestreefd moeten worden. (Zie ook hoofdstuk 2.6 van het boek).

Deze kerndoelen zijn geordend rond 7 vak- en vormingsgebieden, te weten:

- Nederlands
- Engels
- Friese taal
- Rekenen/wiskunde
- Oriëntatie op jezelf en de wereld
- Kunstzinnige oriëntatie
- Bewegingsonderwijs

Op de site: http://tule.slo.nl zie je duidelijk aangegeven hoe elk kerndoel is uitgewerkt in tussendoelen en leerlijnen.

Wanneer je als leerkracht van groep 1 en 2 deze kerndoelen bekijkt, dan zal al gauw duidelijk zijn dat deze kerndoelen te vakgericht zijn voor de onderbouw: de doelen zijn niet geënt op jonge kinderen.

Daarom gaat men in de onderbouw liever uit van ontwikkelingsdoelen. Dit begrip is afkomstig van het Vlaamse departement van onderwijs. In de publicatie: Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool (2010) schrijft de Onderwijsraad het volgende daarover:

‘De term ontwikkeldoel is bewust gekozen. Het verwijst naar de ontwikkeling van kinderen als een groeiproces dat elk kind op een eigen manier doorloopt in een eigen tempo. Daarnaast kent het Vlaamse basisonderwijs eindtermen, maar deze hebben geen betrekking op de kleuters. Vlaanderen heeft bewust geen eindtermen opgesteld voor de kleuters, omdat ervan uitgegaan wordt dat kleuters daarvoor  te sterk van elkaar verschillen.’

Ontwikkelingsdoelen moeten tot uiting komen in het aanbod dat je doet. In je lesvoorbereiding moet aangegeven zijn welke ontwikkelingsdoelen je nastreeft. In tabel 2.4 in het boek tref je categorieën in de ontwikkeling aan, alsmede ontwikkelingsdoelen.

Bij de afsluiting van elk hoofdstuk in ons boek wordt een relatie gelegd tussen de doelen van jouw onderwijs als leerkracht en de ontwikkeling van kinderen, gekoppeld aan ontwikkelingsdoelen.